Sedumkwekerij te Brakel / Zuilichem
SCHRIFTELIJKE VRAGEN
Op 1 augustus jl heeft D66 u schriftelijke vragen gesteld nav de vergunning die u heeft verleend voor het oprichten van een Sedumkwekerij op een perceel aan de Molenkampsweg 41 te Brakel. Op 18 november heeft u onderstaande verduidelijking van een van de antwoorden gegeven:
D66: “Graag zou ik de inhoudelijke onderbouwing van de economische haalbaarheid van de sedumkwekerij in Brakel toegestuurd krijgen, nav het antwoord op de schriftelijke vraag 3.”
College B&W: “De volwaardigheid is berekend met de nge-module van het Landbouw Economisch Instituut (LEI) van de Universiteit Wageningen. Dit is een algemeen gehanteerde methode bij gemeenten om de volwaardigheid van agrarische bedrijven te bepalen. De berekening met de nge-module leverde bij de onderhavige aanvraag een dusdanig aantal nge op, dat op grond hiervan kan worden geconcludeerd tot een volwaardig bedrijf. Zie bijgevoegd rapport.
Gezien het feit dat de aanvrager van de sedumkwekerij al een bestaand bedrijf in groenvoorzieningen heeft, is het niet nodig geacht om nader onderzoek door een agrarische adviesinstantie naar de volwaardigheid te laten verrichten.”
Het antwoord van het college was aanleiding voor D66 om zich te verdiepen in de nge-module van het Landbouw Economisch Instituut (LEI). Op de website van LEI bij de toelichting op de nge-module staat: “Bedacht moet worden dat SO (standaardopbrengst) en nge niet speciaal bedoeld zijn om de volwaardigheid van bedrijven of de inzet van volwaardige arbeidskrachten op bedrijven vast te stellen.” http://www.lei.wur.nl/NL/statistieken/BSS+en+NGE
Het bovenstaande is voor de fractie van D66 aanleiding om u enkele aanvullende vragen voor te leggen met het verzoek deze te beantwoorden.
1.Was u op de hoogte van de website van LEI waarop wordt aangegeven dat de nge-systematiek niet is bedoeld voor het bepalen van de volwaardigheid van agrarische bedrijven? Zo ja, waarom heeft u deze systematiek dan toch gehanteerd voor het bepalen van de volwaardigheid van dit tuinbouwbedrijf?
2.Bent u bereid de economische volwaardigheid van dit bedrijf alsnog te (laten) toetsen?
3.Bent u bereid om – met betrekking tot de verleende bouwvergunning – consequenties te verbinden aan dit aanvullende onderzoek, ook wanneer de economische volwaardigheid niet wordt aangetoond? Zo nee, waarom niet?
4.Mocht dit bedrijf wel economisch volwaardig zijn, hoeveel van dit soort bedrijven met een totale oppervlakte van ca. 1 ha, zijn te vergunnen binnen de bestaande bestemmingsplannen in de gemeente Zaltbommel?
5.Vindt u het wenselijk wanneer binnen de bestaande bestemmingsplannen het maximale aantal bedrijven zou worden vergund en opgericht? Zo nee, wat gaat u ondernemen om deze ongewenste ontwikkeling te voorkomen?
Frits van der Schans (D66)
Meer nieuws
- Debatavond 16-5-2012
- Debatavond Samenwerken en Samengaan op 18 juni 2012 15-5-2012
- Belangrijke data Kerntaken 15-5-2012
- Spreekuur raadsfractie 1-5-2012
- Sachem:schriftelijke vragen 1-5-2012
- Aanbesteding: schrifttelijke vragen 16-4-2012
- Debatavond 'Samenwerken en Samengaan'' 1-4-2012
- Spreekuur raadsfractie 18-3-2012
- Besloten vergadering : schriftelijke vragen 5-2-2012
- Samenwerking gemeenteraden 5-2-2012



word lid







